Rb. Oost-Brabant 27 september 2022, ECLI:NL:RBOBR:2022:6259
WBTR. WNT. Ontslag statutair bestuurder.Het rechtspersoonsrechtelijk ontslag van [bestuurder] is rechtsgeldig. Ook is sprake van een redelijke grond als bedoeld in artikel 7:669 lid 3 BW voor de opzegging van de arbeidsovereenkomst met [bestuurder], want er is sprake van een voldragen d-grond. [De stichting] is geen billijke vergoeding verschuldigd o.g.v. artikel 7:682 lid 3 sub a of b BW. De contractuele opzegtermijn is door [de stichting] niet in acht genomen, maar er is geen hoger bedrag verschuldigd aan gefixeerde schadevergoeding dan de door [ de stichting] reeds betaalde € 75.000,00, gelet op de bepalingen van de WNT en het maximumbedrag dat onder de WNT aan beëindigingsvergoeding mag worden betaald.
De uitspraak op rechtspraak.nl