Rb. Oost-Brabant 16 april 2020, ECLI:NL:RBOBR:2020:2260

Vaststelling gecorrigeerde vervangingswaarde van twee dagverblijven voor verstandelijk gehandicapten en een woonzorgcentrum. Partijen zijn er beiden niet in geslaagd de vervangingswaarde van de twee dagverblijven aannemelijk te maken. Partijen hebben (zie ECLI:NL:HR:2018:1316) niet de aannames en gegevens die aan de in de door hen gebruikte archetypes uit de Taxatiewijzer Verzorging vermelde (bandbreedte van) prijzen per m2 ten grondslag liggen inzichtelijk en controleerbaar gemaakt. Partijen hebben evenmin de door hen bij de bepaling van de correctie voor technische veroudering in aanmerking genomen restwaarden aannemelijk gemaakt. Woonzorgcentrum. Omdat partijen beiden niet de grootte van de basiskavel aannemelijk hebben gemaakt, hebben zij niet de waarde van de grond aannemelijk gemaakt. Verweerder heeft niet aannemelijk gemaakt dat er aanleiding is voor een aanpassing van de technische levensduren van de ruwbouw, de afbouw en de installaties van de tot het zorgcentrum behorende (delen van) gebouwen, (zie ECLI:NL:HR:2020:169). Eiseres heeft niet aannemelijk gemaakt dat sprake is van functionele veroudering. Gelet op het aanzienlijke verschil tussen de vastgestelde waarde en de getaxeerde waarde, heeft verweerder de waarde van het zorgcentrum niet op een te hoog bedrag vastgesteld. Aanpassing OZBG in verband met de woondelenvrijstelling.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken