Rb. Oost-Brabant 1 februari 2016, ECLI:NL:RBOBR:2016:364
Participatiewet. Kostendelersnorm. Niet rechtmatig verblijvende partner. Is artikel 22a, derde lid, onder a, van de Pw of artikel 24 van de Pw van toepassing? In de situatie van eiseres wordt uitgegaan van gehuwden, waarvan er één geen recht heeft op algemene bijstand. De rechtbank stelt vast dat die situatie niet alleen valt onder de reikwijdte van artikel 22a, derde lid, onder a, van de Pw, maar ook onder die van artikel 24 van de Pw. De toepassing van artikel 22a, derde lid, onder a, van de Pw leidt dan tot een lagere uitkeringsnorm dan toepassing van artikel 24 Pw. Het had daarom op de weg van de wetgever gelegen om de verplichting voor het bestuursorgaan om de lagere (kostendelers-)norm toe te passen ondubbelzinnig in de wet zelf tot uitdrukking te brengen. Nu de wetgever dat heeft nagelaten, brengt een redelijke wetsuitleg met zich mee dat artikel 22a, derde lid, onder a, van de Pw buiten toepassing moet worden gelaten. Het bestreden besluit is aldus in strijd met het bepaalde in artikel 24 van de Pw genomen. Het besluit wordt vernietigd. De rechtbank ziet aanleiding om met toepassing van artikel 8:72, derde lid, onder b, van de Awb het primaire besluit te herroepen. Hierdoor herleeft het besluit van verweerder van 19 november 2014, waarbij aan eiseres een bijstandsuitkering naar de norm voor een alleenstaande is toegekend.
De uitspraak op rechtspraak.nl