Rb. Oost-Brabant 16 mei 2013, ECLI:NL:RBOBR:2013:CA0905
Eiser heeft het Uwv gevraagd de loondoorbetalingsplicht van zijn werkgeefster te verlengen. Het Uwv heeft dit geweigerd. Aan eiser kan worden toegegeven dat verweerder geen schriftelijk stuk met de naam “plan van aanpak” van de werkgeefster heeft ontvangen. Bepaalde stukken kunnen volgens de rechtbank echter worden beschouwd als een plan van aanpak in de zin van artikel 24, tweede lid, van de Wet WIA of een bijstelling daarvan. Het zou van excessief formalisme getuigen als verweerder door middel van een loonsanctie de werkgeefster ertoe zou dwingen alsnog een stuk met de naam “plan van aanpak” in te dienen, aldus de rechtbank. De rechtbank concludeert verder dat de werkgeefster zich niet ten onrechte reeds in een vroeg stadium op het standpunt heeft gesteld dat een terugkeer in de eigen (eventueel aangepaste) functie niet haalbaar was en dat op het tweede spoor moest worden ingezet. Het is de rechtbank niet gebleken dat de werkgeefster onvoldoende re-integratie-inspanningen in het tweede spoort heeft verricht.
De uitspraak op rechtspraak.nl