Rb. Noord-Nederland 26 februari 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:800
Twee inzageverzoeken op grond van de Wjsg. In beide zaken is voldoende gemotiveerd dat de door verweerder genoemde weigeringsgrond uit de Wjsg zich voordoet. De rechtbank stelt vast dat verweerder in de zaak LEE 25/851 in het verweerschrift heeft aangegeven dat de melding inzake de voorwaardelijke invrijheidstelling op ‘historisch’ is gezet en dat de gegevens alsnog verwijderd zullen worden na het verstrijken van de bewaartermijn. Verweerder heeft met het voorgaande deels erkend dat het bestreden besluit in zoverre niet zorgvuldig is voorbereid en niet deugdelijk is gemotiveerd. Dat betekent dat deze beroepsgrond van eiser in zoverre slaagt en het bestreden besluit zal worden vernietigd. Beroep voor het overige ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl