Rb. Noord-Nederland 28 april 2023, ECLI:NL:RBNNE:2023:1736

De zaak gaat over vergoeding van fysieke mijnbouwschade. Ná verkoop maar vóór levering van de woning, heeft de verkoper bij het IMG vergoeding aangevraagd voor schade aan de woning. Het IMG heeft de vergoeding toegekend in een besluit van ná de levering, maar vervolgens deze toekenning ingetrokken. De kopers van de woning stellen dat de vergoeding aan hen toekomt. De rechtbank ziet aanleiding prejudiciële vragen te stellen aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze vragen houden in: - is het IMG bevoegd tot intrekking? - is beslissend de rechtstoestand ten tijde van de aanvraag of ten tijde van het besluit? - welke rol spelen de bepalingen van de koopovereenkomst en van de akte van levering? - welk onderzoek kan van het IMG worden gevergd?

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken