Rb. Noord-Nederland 4 maart 2021, ECLI:NL:RBNNE:2021:711
Schorsing en intrekking van de aanwijzing van de Stint als bijzondere bromfiets. Waarop heeft aanwijzingsbesluit betrekking en ontvankelijkheidsperikelen. Uit de onderzoeken blijkt een voldoende basis voor schorsing van de aanwijzing. Geen strijd met artikel 1 van het Eerste Protocol van het EVRM. Geen onredelijke belangenafweging door verweerder gelet op het belang van de verkeersveiligheid. Geen strijd met een algemeen beginsel van behoorlijk bestuur. Schorsingstermijn niet zodanig lang dat verweerder gehouden is om te compenseren. Voor wat betreft het intrekkingsbesluit is er sprake van een onzorgvuldig tot stand gekomen besluit, aangezien de deskundige contra-expertise door verweerder niet ter beoordeling is voorgelegd aan de ingeschakelde deskundige TNO, terwijl er sprake is van een beoordeling van technische aspecten. In het kader van een nieuw te nemen besluit dient verweerder nadrukkelijk mee te nemen dat compensatie van eisers aan de orde is.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 9 december 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2907
- CRvB 7 november 2018, ECLI:NL:CRVB:2018:3474
- ABRvS 25 januari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:138
- ABRvS 26 oktober 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2821
- ABRvS 17 augustus 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2234
- ABRvS 1 april 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1046
- ABRvS 11 september 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1089