Rb. Noord-Nederland 17 december 2020, ECLI:NL:RBNNE:2020:4380

Eiseres is sinds 2008 voor de zuiveringsheffing als tabelbedrijf aangemerkt. Dat betekent dat het aantal vervuilingseenheden waar zij voor wordt aangeslagen wordt berekend door middel van een vaste afvalwatercoëfficiënt en de hoeveelheid water die zij afvoert op het riool. Eind 2016 wordt door het Wetterskip Fryslân onderzoek verricht naar het afvalwater dat eiseres afvoert op het riool. Uit dat onderzoek volgt dat het afvalwater veel meer vervuiling bevat dan hoort bij de afvalwatercoëfficiënt waarin eiseres is ingedeeld. Omdat eiseres volgens verweerder de hogere vervuilingswaarden niet afdoende kan verklaren worden (navorderings)aanslagen en vergrijpboeten opgelegd voor de jaren 2012 tot en met 2016. Primair is in geschil of de verordeningen op grond waarvan de (navorderings)aanslagen zijn opgelegd verbindend zijn. De rechtbank oordeelt eerst dat ten aanzien van de NEN-normen waarnaar in de verordeningen 2012 t/m 2016 wordt verwezen niet voldaan wordt aan het kenbaarheidsvereiste. De terinzagelegging vanaf 22 december 2016 kan ten aanzien van de verordeningen 2012 t/m 2016 niet als bekendmaking gelden nu in die verordeningen niet bepaald is dat de bekendmaking door terinzagelegging plaatsvindt. Omdat de NEN-normen niet aan het kenbaarheidsvereiste voldoen, zijn de verordeningen 2012 t/m 2016 onverbindend voor zover bij het bepalen van de heffingsmaatstaf (mede) een aantal vervuilingseenheden moet worden bepaald met behulp van de NEN-normen. De rechtbank oordeelt dat dat het geval is voor tabelbedrijven en voor het opleggen van geschatte aanslagen. De rechtbank vernietigt om deze reden de (navorderings)aanslagen en boetebeschikkingen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken