Rb. Noord-Holland 19 maart 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:3506

Toeslagen. Verweerder heeft aan belanghebbende twee beschikkingen gegeven. De eerste beschikking is van 3 maart 2023 en daarmee heeft verweerder beoordeeld of belanghebbende in aanmerking komt voor een forfaitair bedrag aan schadevergoeding. De tweede beschikking is van 14 april 2025 en daarbij is aan belanghebbende een aanvullende schadevergoeding toegekend. Voor zover het beroep is gericht tegen de eerste beschikking verklaart de rechtbank het ongegrond omdat er geen wettelijke mogelijkheid is tot een hogere vergoeding en zich geen feiten en omstandigheden hebben voorgedaan die tot een ander oordeel zouden moeten leiden. Voor zover het beroep is gericht tegen de tweede beschikking verklaart de rechtbank het niet-ontvankelijk omdat op het tegen die beschikking gemaakt bezwaar nog geen uitspraak is gedaan.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken