Rb. Noord-Holland 28 februari 2025, ECLI:NL:RBNHO:2025:6933
Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder het verzoek van eiser om voortgezette toepassing van de 30%-regeling terecht afgewezen. Tussen het einde van de tewerkstelling bij de vorige inhoudingsplichtige en de totstandkoming van de arbeidsovereenkomst met de nieuwe inhoudingsplichtige is meer dan drie maanden verstreken. Dat eiser niets te verwijten valt ten aanzien van de lengte van de sollicitatieprocedure doet daaraan niets af. Er is geen sprake van bijzondere omstandigheden die maken dat de toepassing van artikel 10ed UBLB in het geval van eiser tot een onevenredige uitkomst leidt.
De uitspraak op rechtspraak.nl