Rb. Noord-Holland 28 januari 2025, ECLI:NL:RBNHO:2025:1033

De stelling van betrokkene dat de wettelijke helmplicht voor snorfietsen niet op democratische wijze tot stand is gekomen en dat daarvoor geen draagvlak bestaat in de samenleving treft geen doel. Het argument van betrokkene dat de helmplicht in strijd is met het gelijkheidsbeginsel, gaat ook niet op. Anders dan betrokkene ziet de kantonrechter ook niet in dat de snorfiets waarop betrokkene reed onder een uitzondering op de helmplicht valt. Betrokkene heeft verder nog aangevoerd dat de helmplicht voor snorfietsen ongeldig zou zijn vanwege “marktsturing” en “voorkeursselectie” door de politiek. Daarin kan de kantonrechter echter geen juridisch of feitelijk relevant argument vinden dat tot de conclusie kan leiden dat de helmplicht voor snorfietsen ongeldig is. Het beroep is dan ook ongegrond

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen