Rb. Noord-Holland 1 november 2024, ECLI:NL:RBNHO:2024:11888

Beroep ongegrond. Woo-verzoek over opvang van asielzoekers in de regio West-Friesland. Verweerder heeft besloten het Woo-verzoek niet te behandelen omdat onduidelijk is waar het Woo-verzoek precies betrekking op heeft. Naar het oordeel van de rechtbank s verweerder in de omstandigheden van het geval en gelet op de feiten voldoende behulpzaam geweest bij het preciseren van het Woo-verzoek (artikel 4.1, vijfde lid, Woo). Eiseres heeft onvoldoende medewerking verleend aan het preciseren om tot een werkbaar verzoek te komen door in de correspondentie tegenstrijdig te antwoorden over de bedoelde informatie over de aard van de opvang van asielzoekers, zodat het Woo-verzoek nog onbegrijpelijker en nog moeilijker te behandelend werd. Het verzoek is dus onvoldoende gepreciseerd en terecht buiten behandeling gelaten. In dit geval had het voor de hand gelegen om een of meer voor eiseres werkende journalisten contact op te laten nemen met verweerder over de documenten die gezocht werden voor het journalistiek onderzoek en dat niet over te laten aan het bureau dat voor derden Woo-verzoeken indient. Tot slot wijst de rechtbank op de mogelijkheid voor journalisten in artikel 7.2, vierde lid, Woo om bij het Adviescollege openbaarheid en informatiehuishouding te vragen om bemiddeling als er klachten zijn over de behandeling van Woo-verzoeken.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken