Rb. Midden-Nederland 17 mei 2023, ECLI:NL:RBMNE:2023:2278
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de buitenbehandelingstelling van elf verzoeken die zij op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) bij elf bestuursorganen heeft ingediend. De verzoeken van eiseres zijn volgens de bestuursorganen te omvangrijk en te algemeen gebleven. Het blijft volgens de bestuursorganen onduidelijk over welke bestuurlijke aangelegenheid de verzoeken precies gaan. Er heeft overleg plaatsgevonden tussen eiseres en de bestuursorganen om de verzoeken behandelbaar te krijgen, maar dat heeft tot niets geleid. De rechtbank oordeelt dat de bestuursorganen zich weliswaar terecht op het standpunt hebben gesteld dat de verzoeken, zoals zij nu voorliggen, niet behandelbaar zijn, maar dat zij ten onrechte stellen dat zij eiseres voldoende behulpzaam zijn geweest. De bestuursorganen hebben de minister van EZK aangewezen om namens hen allemaal het overleg te voeren. Daardoor is er te weinig aandacht geweest voor de verschillen in de verzoeken. De bestuursorganen hebben de verzoeken ook teveel als één groot verzoek gezien en zijn niet ingegaan op aanknopingspunten die eiseres per bestuursorgaan heeft voorgesteld. Het beroep is daarom gegrond en de bestuursorganen moeten opnieuw in overleg treden met eiseres
De uitspraak op rechtspraak.nl