Rb. Noord-Holland 15 september 2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:8256

Artikel 4 AWR, artikelen 2.1 en 2.2 Wet IB 2001, artikelen 4, 18 en 24 belastingverdrag Nederland Oostenrijk. Eiseres heeft een deel van het jaar 2017 in Oostenrijk verbleven. Zij repeteerde daar voor en trad op in een musical. De rechtbank oordeelt dat eiseres het gehele jaar 2017 inwoner van Nederland is gebleven en dat zij dus wordt aangemerkt als binnenlands belastingplichtige. Eiseres treedt op in de uitvoering van een artistiek stuk op een podium voor een publiek en is daarom aan te merken als artiest in de zin van artikel 18 van het belastingverdrag. Op grond van artikel 24, tweede lid, van het belastingverdrag dient de verrekeningsmethode op het Oostenrijkse inkomen van eiseres te worden toegepast. Het beroep is ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken