Rb. Noord-Holland 4 mei 2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:3833

Mega Messina. Gebruik van berichtenverkeer via EncroChat voor het bewijs. Overwegingen over de Europese rechtshulpovereenkomst en de samenwerking met Frankrijk in het kader van een Joint Investigation Team (JIT). Daarop wordt het oordeel gebaseerd dat het beginsel van wederzijds vertrouwen dat ten grondslag ligt aan deze samenwerking het vertrekpunt vormt bij de beoordeling van de rechtmatigheid van het opsporingsonderzoek. Het standpunt van het openbaar ministerie dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel het toetsingskader bepaalt wordt niet gevolgd. De machtiging die de Franse rechter heeft gegeven voor de hack in de server van EncroChat wordt niet getoetst, de machtiging van de rechter-commissaris op de voet van artikel126uba Sv wel. Deze wordt opgevat als een machtiging om binnen te dringen in de telefoons van alle (als verdachten aangemerkte) NN-gebruikers van EncroChat in Nederland. Onderzoek 26Lemont wordt aangemerkt als voorbereidend onderzoek in de zin van artikel 359a, lid 1, Sv, ook in de zaak van de verdachte. Geen vormverzuimen. Alle verweren strekkend tot toepassing van het sanctie-instrumentarium van artikel 359a Sv verworpen. Rechtbank acht onder meer bewezen het bezit van twee vuurwapens, het medeplegen van het runnen van een methamfetamine-lab en deelneming aan een criminele organisatie, gericht op Opiumwetdelicten en de illegale groothandel in ketamine. Afwijzing van de vordering van de officier van justitie tot opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis. Overwegingen over voorlopige hechtenis nadat de eerste rechter vonnis heeft gewezen. Onder meer over de waarborg van artikel 5 EVRM, doel en strekking van artikel 75, eerste lid, Sv en over voortduring van een geschorst bevel voorlopige hechtenis in het licht van artikel 72, derde lid, Sv. Gevangenisstraf van 5 jaren.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen