Rb. Noord-Holland 22 juli 2020, ECLI:NL:RBNHO:2020:5280
De rechtbank verklaard het beroep ongegrond. De rechter mag in geen geval de innerlijke waarde of billijkheid van de wet beoordelen. Verweerder heeft de wet op de juiste wijze toegepast en de wettelijke regeling voorziet niet in de mogelijkheid om de box 3-heffing op een andere manier te berekenen. Verder is het de rechtbank ambtshalve niet gebleken dat sprake is van een individuele en buitensporige last voor eiser.
De uitspraak op rechtspraak.nl