Rb. Noord-Holland 4 september 2015, ECLI:NL:RBNHO:2015:7355

Vast staat dat ten gevolge van de ten onrechte uitbetaalde iack het verschil tussen de bij definitieve aanslag geheven belasting en de te heffen belasting meer dan 30% bedraagt. Dit betekent dat er van rechtswege vanuit moet worden gegaan dat sprake was van een voor eiseres kenbare fout. De rechtbank verwerpt het betoog van eiseres dat, hoewel aan het 30%-criterium is voldaan, alsnog beoordeeld moet worden of de fout voor eiseres kenbaar was. Navordering is derhalve toegestaan.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen