Rb. Midden-Nederland 11 mei 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:2268
MK. Faunabeheerplan. Deze uitspraak gaat over de vraag welke toetsingscriteria gedeputeerde staten moeten betrekken bij de goedkeuring van een faunabeheerplan voor het onderdeel jacht. Volgens eiseres hebben gedeputeerde staten bij het goedkeuren van het faunabeheerplan ten onrechte niet beoordeeld wat de staat van instandhouding is van de wildsoorten en of de wildsoorten schade veroorzaken. De rechtbank oordeelt dat gedeputeerde staten de staat van instandhouding en de door wildsoorten veroorzaakte schade niet hoeven te betrekken bij een besluit tot goedkeuring van een faunabeheerplan voor de jacht. Daaraan ligt onder andere ten grondslag dat wildsoorten een aparte categorie vormen binnen het beschermingsregime van de Wnb en dat de bevoegdheid tot jagen op de wildsoorten niet is gekoppeld aan de goedkeuring van het faunabeheerplan voor de jacht, maar aan het openstellen van de jacht op een wildsoort. Bij de vraag of de jacht op een soort al dan niet kan worden opgesteld wordt de staat van instandhouding van de soort betrokken. Het beroep is ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl