Rb. Gelderland 17 december 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:9045
Goedkeuring van een faunabeheerplan. Het college van gedeputeerde staten van Gelderland moet bij de goedkeuring van het faunabeheerplan beoordelen of aan de vrijstellingsvoorwaarden uit de Wnb is voldaan. Een van de voorwaarden om op grond van artikel 3.15 van de Wet natuurbescherming van de in artikel 3:1, eerste lid, en in artikel 3:10, eerste lid, bedoelde soorten vrijstelling te verlenen van het verbod om deze opzettelijk te doden, is dat deze soorten schade veroorzaken. Verder moet onder meer zijn voldaan aan de voorwaarden dat er geen andere bevredigende oplossing is, de afwijking gerechtvaardigd is op grond van één van de in de betrokken bepalingen genoemde belangen en geen sprake is van een verslechtering van de staat van instandhouding. Aan de hand van deze voorwaarden dient verweerder te toetsen of aan de landelijke en provinciale vrijstelling uitvoering kan worden gegeven in het werkgebied van de Faunabeheereenheid. Voor de jachtsoorten moet het college beoordelen of de gestelde schade in voldoende mate is onderbouwd en de redelijke staat van instandhouding is gewaarborgd. De rechtbank oordeelt dat het faunabeheerplan niet op alle onderdelen aan de vereisten van de Wnb voldoet. Daarom wordt de goedkeuring vernietigd.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Rb. Gelderland 4 januari 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:27
- ABRvS 8 november 2023, ECLI:NL:RVS:2023:4116
- ABRvS 6 september 2023, ECLI:NL:RVS:2023:3401
- ABRvS 19 april 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1545
- ABRvS 14 april 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1471
- Rb. Gelderland 13 augustus 2021, ECLI:NL:RBGEL:2021:4450
- ABRvS 7 april 2021, ECLI:NL:RVS:2021:745
- ABRvS 20 maart 2019, ECLI:NL:RVS:2019:875
- ABRvS 17 oktober 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3366
- Rb. Gelderland 15 maart 2018, ECLI:NL:RBGEL:2018:1163