Rb. Midden-Nederland 2 september 2020, ECLI:NL:RBMNE:2020:3552

IPR. Internationale bevoegdheid en toepasselijk recht. Vervolg van Rb Midden-Nederland, ECLI:NL:RBMNE:2020:1825. Rechtbank stelt prejudiciële vragen aan HvJEU over rechtsmacht en toepasselijk recht bij een Peeters/Gatzen-vordering en een collectieve actie ingesteld door schuldeisers. Artikel 7 onder 2 Verordening Brussel I-bis (nr. 1215/2012): geldt de plaats van vestiging van de vennootschap die geen verhaal biedt voor de vorderingen van haar schuldeisers, als “plaats van het schadebrengende feit” (Handlungsort en Erfolgsort), als die onverhaalbaarheid het gevolg is van een schending van de zorgplicht door de buitenlandse indirecte moedermaatschappij van deze vennootschap jegens deze schuldeisers? Artikel 8 onder 2 Verordening Brussel I-bis (nr. 1215/2012): vervalt de rechtsmacht ten aanzien van een vordering tot tussenkomst automatisch, als de rechtsmacht komt te ontvallen aan de oorspronkelijke vordering? Artikel 4 onder 1 Rome II-verordening (nr. 864/2007): geldt de plaats waar de vennootschap is gevestigd die geen verhaal biedt, als “de plaats waar de schade zich voordoet”?

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken