Rb. Midden-Nederland 16 oktober 2019, ECLI:NL:RBMNE:2019:4703

BAM aansprakelijk voor schade ProRail door treinongeval bij Stavoren in 2010 Vrijwaringszaak. Op 25 juli 2010 is een slijptrein met hoge snelheid door het stootjuk gereden aan het einde van het spoor bij Stavoren. Vervolgens is de slijptrein op een geparkeerde tankwagen gebotst en door een winkelpand gereden. Daarbij zijn twee personen van de bemanning licht gewond geraakt, en werden de slijptrein, de spoorweginfrastructuur, de tankwagen en het winkelpand beschadigd. In de hoofdzaak heeft de rechtbank BAM aansprakelijk geacht voor de schade die de (verzekeraar van de) eigenaar van de slijptrein heeft geleden (zie ECLI:NL:RBMNE:2017:1368 en ECLI:NL:RBMNE:2018:1510). In dit vonnis in de vrijwaringszaak wijst de rechtbank de vrijwaringsvordering van BAM tegen ProRail af. Het ongeval is veroorzaakt doordat de door BAM ingeschakelde pilot-machinist, hoewel hij wist dat hij het eindstation Stavoren naderde en dat de - met water zwaar beladen - slijptrein een aanzienlijke remweg had (800 tot 1000 meter), in het donker 95 km/u blijven rijden, en zich op een cruciaal moment tijdens de rit heeft laten afleiden. Voor ProRail bestond geen verplichting om maatregelen te nemen die dit ongeval hadden kunnen voorkomen. Evenmin heeft zij gehandeld in strijd met spoorregelgeving. Over de tegenvordering van ProRail (dat BAM alle schade vergoedt die ProRail heeft geleden ten gevolge van het ongeval, bestaande uit kosten voor het herstel van de infrastructuur en het saneren van het stationsgebied) oordeelt de rechtbank dat aan de vereisten voor aansprakelijkheid van BAM is voldaan, maar dat BAM nog de gelegenheid dient te krijgen om zich over de omvang van de schade uit te laten.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken