Rb. Maastricht 13 juli 2011, ECLI:NL:RBMAA:2011:BR1582
Het beroep heeft betrekking op een door de minister van Infrastructuur en Milieu verleende vergunning op grond van de Waterwet voor een waterkrachtcentrale aan de linkeroever van de Maas ter hoogte van de stuw bij Borgharen in de gemeente Maastricht. Zowel vergunninghoudster als belangenorganisaties op het gebied van de visstand en de sportvisserij hebben beroep ingesteld. De rechtbank heeft de Crisis- en herstelwet (Chw) van toepassing geacht. Op grond van artikel 1.9 van de Chw is een beroepsgrond betreffende de economische haalbaarheid verworpen. Voorts is met toepassing van artikel 1.5 van de Chw het schenden van de mer-beoordelingsplicht gepasseerd. Onder meer de beroepsgronden betreffende de beoordeling of de best beschikbare technieken zijn toegepast, de noodzaak van een tweede inzwemopening, de toepassing van de Beneluxbeschikking, de uitleg van de Kaderrichtlijn water, het toegepaste toetsingskader en de gehanteerde cumulatieve visschadenorm, zijn op inhoudelijke gronden verworpen. De rechtbank heeft evenwel geconstateerd dat de gehanteerde cumulatieve visschadenorm op dit moment reeds wordt overschreden. Onder verwijzing naar het in deze zaak door de Stichting advisering bestuursrechtspraak uitgebrachte rapport is de rechtbank voorts van oordeel dat onvoldoende zeker is dat de cumulatieve norm in 2012 dan wel aan het eind van de planperiode te weten 2015 haalbaar is. Het bestreden besluit wordt daarom vernietigd wegens een motiveringsgebrek. Geen toepassing in dit geval van de bestuurlijke lus.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 5.1 Wm
- Artikel 5.2 Wm
- Artikel 5.2b Wm
- Artikel 7.2 Wm
- Artikel 7.17 Wm
- Artikel 7.28 Wm
- Artikel 13.1 Wm
- Artikel 13.2 Wm
- Artikel 3:2 Awb
- Artikel 3:46 Awb
- Artikel 8:47 Awb
- Artikel 8:51a Awb
- Artikel 8:80a Awb
- Artikel 2 MER
- Artikel 3.10 Wet ruimtelijke ordening
- Artikel 1.1 Wabo
- Artikel 1.1 Chw
- Artikel 1.5 Chw
- Artikel 1.6 Chw