Rb. Limburg 3 september 2024, ECLI:NL:RBLIM:2024:5948
Wet Wia. Herziening, terugvordering, boeteoplegging vanwege inkomsten uit hennepteelt. Het Uwv heeft bij de vaststelling van de inkomsten niet mogen uitgaan van het door de politie berekende wederrechtelijk verkregen voordeel gebaseerd op zes oogsten. De uitspraak over de ontnemingsvordering, waarin de ontnemingsvordering is afgewezen, is gebaseerd op dezelfde feiten en dezelfde periode als waarover de bestreden besluiten gaan, terwijl de rechtsvraag in de ontnemingsvorderingszaak en de aan te leggen bewijsmaatstaf niet wezenlijk anders is dan in het onderhavige beroep. De rechtbank heeft in de ontnemingsvordering de aspecten die voor het Uwv zwaar gewogen hebben (onder meer de kalenders uit 2015 en 2016 en de contante stortingen op de rekeningen van eiser en zijn toenmalige partner in de periode van 2014 tot en met 6 juni 2016) uitdrukkelijk onderkend maar is desondanks tot het oordeel gekomen dat het onvoldoende aannemelijk is dat eiser daadwerkelijk voordeel heeft genoten van de hennepkwekerij. Beroep gegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- CRvB 21 oktober 2020, ECLI:NL:CRVB:2020:2578
- Rb. Limburg 11 september 2019, ECLI:NL:RBLIM:2019:8097
- CRvB 1 mei 2019, ECLI:NL:CRVB:2019:1682
- HR 2 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:958
- CRvB 22 december 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:4828
- EHRM 12 juli 2013, ECLI:CE:ECHR:2013:0712JUD002542409
- CRvB 17 juni 2009, ECLI:NL:CRVB:2009:BI9083
- CRvB 15 april 2009, ECLI:NL:CRVB:2009:BI2044
- CRvB 26 januari 2009, ECLI:NL:CRVB:2009:BH1009