Rb. Limburg 4 december 2024, ECLI:NL:RBLIM:2024:10098
Erfrecht. Schuldoverneming. Langstlevende heeft na overlijden echtgenoot het vruchtgebruik van de woning, waarbij zij de hypotheeklasten moet dragen. Zij wil de bestaande hypothecaire geldlening, waarbij zij en de erfgenamen van de echtgenoot als schuldenaar gelden, omzetten in een aflossingsvrije hypothecaire lening. Zij sluit daartoe op eigen naam een geldleningsovereenkomst met de hypotheekhouder, waarbij slechts zij als schuldenaar wordt genoemd. In geschil is of deze overeenkomst moet worden aangemerkt als een voortzetting van de oude overeenkomst of dat een nieuwe geldleningsovereenkomst is afgesloten. Naar het oordeel van de rechtbank is sprake van een schuldoverneming. Dit heeft tot gevolg dat de langstlevende vanaf dat moment als enig schuldenaar moet worden aangemerkt, zodat de schuld geheel in haar nalatenschap valt.
De uitspraak op rechtspraak.nl