Rb. Limburg 13 augustus 2019, ECLI:NL:RBLIM:2019:7387
ntrekking Nederlanderschap na veroordelingen voor het plegen van voorbereidende handelingen voor een terroristisch misdrijf. Anders dan verzoeker is de voorzieningenrechter van oordeel dat het besluit tot intrekking van het Nederlanderschap niet onmiskenbaar onrechtmatig is. Voorts is de voorzieningenrechter van oordeel dat verzoeker niet heeft aangetoond dat sprake is van onverwijlde spoed, omdat verzoeker – kort gezegd – op korte termijn niet met uitzetting naar Irak wordt bedreigd. Het verzoek tot een voorlopige voorziening wordt afgewezen. Zie ECLI:NL:RBDHA:2019:8319 voor terugkeerbesluit en inreisverbod.
De uitspraak op rechtspraak.nl