Rb. Limburg 7 mei 2014, ECLI:NL:RBLIM:2014:4440
Vordering tot het achterwege laten van voorwaardelijke invrijheidstelling (art. 15, 15a, 15b, 15c, 15d en 15e Sr). Dit vanwege de in art. 15d lid 1 sub c Sr genoemde grond dat de veroordeelde zich aan zijn straf heeft onttrokken. De rechtbank oordeelt dat deze vordering mag worden behandeld buiten aanwezigheid van de veroordeelde, mits de vordering op de volgens de wet gegeven regels aan de veroordeelde is betekend.
De uitspraak op rechtspraak.nl