Rb. Haarlem 9 juni 2011, ECLI:NL:RBHAA:2011:BQ7515
Het afwijzen van het verzoek om te worden opgenomen in een fiscale eenheid (artikel 15 Wet Vpb) bestaande uit een Nederlandse Moedermaatschappij en (deels) middellijk (via Duitse tussenhoudsters) gehouden kleindochtervennootschappen is in strijd met artikel 49 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. Er is sprake van een rechtvaardiging uit hoofde van dwingende reden van algemeen belang. Het niet toestaan van de vorming van een fiscale eenheid gaat echter te ver. Voorts geen integrale proceskostenvergoeding.
De uitspraak op rechtspraak.nl