Rb. Haarlem 28 januari 2009, ECLI:NL:RBHAA:2009:BH1221
N.V. Luchthaven Schiphol vordert van Chips(h)ol III B.V. ex artikel 55 Luchtvaartwet (Lvw) de waardevermeerdering van het Groenenbergterrein als gevolg van de opheffing van een eerder opgelegde bouwverbod. Hoewel artikel 55 Lvw ingevolge artikel 80a Lvw niet meer van toepassing is op de luchthaven Schiphol volgt de rechtbank partijen in hun standpunt dat de Luchthaven ook thans nog een beroep kan doen op artikel 55 Lvw, omdat dit artikel de grondslag vormt voor een terugvorderingsactie van hetgeen eerder op grond van artikel 50 Lvw in verband met de schade als gevolg van het bouwverbod is vergoed. Van waardevermeerdering als gevolg van de opheffing van het bouwverbod is evenwel geen sprake. Naar analogie van de waardering van de schade als gevolg van het bouwverbod in de artikel 50 procedure, wordt onder waardevermeerdering verstaan de meerdere waarde in het economisch verkeer. Anders dan de Luchthaven betoogt, betekent dit niet dat bij de waardebepaling geen rekening moet worden gehouden met planologische beperkingen of andere waardedrukkende omstandigheden. Deze beperkingen en omstandigheden bepalen immers mede de prijs die een redelijk handelend koper bereid is voor het Groenenbergterrein te betalen. Chip(s)hol heeft onweersproken aangevoerd dat op grond van het Luchthaven Indelingsbesluit (LIB) en het daarmee corresponderende Paraplubestemmingsplan Luchthavenindeling ook na de opheffing van het bouwverbod dezelfde hoogtebeperkingen zijn blijven gelden voor het oprichten of hebben van bouwwerken op het Groenenbergterrein. In zoverre heeft de opheffing van het bouwverbod geen verandering gebracht in de mogelijkheden tot bebouwing van het Groenenbergterrein. Anders dan onder het bouwverbod is het na de opheffing daarvan evenwel mogelijk om van het LIB af te wijken na verklaring van geen bezwaar van de Minister van Verkeer en Waterstaat, in overeenstemming met de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (vgl. artikel 8.9 Wet luchtvaart). De onzekerheid met betrekking tot de uitkomst van die procedure is voor een redelijk handelend koper echter te groot om direct na de enkele opheffing van het bouwverbod enige meerwaarde te kunnen realiseren.
De uitspraak op rechtspraak.nl