Rb. Gelderland 12 november 2025, ECLI:NL:RBGEL:2025:9593

Deze uitspraak gaat over het besluit waarbij aan eiser inzage is gegeven in zijn persoonsgegevens op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg). De rechtbank komt tot het oordeel dat de minister niet alle informatie heeft verstrekt waar eiser om heeft verzocht. Hoewel de wijze waarop inzage wordt gegeven in zeker zin vormvrij is, moet dit wel op een voor de burger eenvoudige wijze gebeuren. Dat is hier niet het geval. Verder wijst de rechtbank het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn af, omdat niet kan worden volgehouden dat eiser immateriële schade heeft geleden. Eiser kon zich namelijk op de zitting niet meer de reden van deze beroepszaak herinneren.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken