Rb. Gelderland 21 mei 2025, ECLI:NL:RBGEL:2025:3981
Aanvaring tussen twee vrachtschepen op de Waal. Toepasselijke regels: Rijnvaartpolitiereglement 1995 en de Herziene Rijnvaartakte (Akte van Mannheim 1868). Procedurele verweren: Obscuur libel omdat de tenlastelegging termen bevat die het RPR niet kent? Wie is de bevoegde ‘Rijnvaartrechter’, Uitvoeringswet Rijnvaartakte 1869. Geen schending ne bis idem i.v.m. eerdere absolute onbevoegd verklaring omdat dit processuele beslissing is. Materieel: wie heeft – overwegend – schuld aan de kop op kop aanvaring van opvarend en afvarend schip; voorzichtigheid betrachten bij voorbijlopen voorganger. Procesrechtelijke afwijkingen die voortvloeien uit de Herziene Rijnvaartakte als internationaal regeling die voorrang heeft boven nationale regelingen.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 94 Gw
- Artikel 14a Sr
- Artikel 14b Sr
- Artikel 14c Sr
- Artikel 68 Sr
- Artikel 257 Sv
- Artikel 257f Sv
- Artikel 348 Sv
- Artikel 350 Sv
- Artikel 354a Sv
- Artikel 398 Sv
- Artikel 1.04 Rijnvaartpolitiereglement 1995
- Artikel 1.05 Rijnvaartpolitiereglement 1995
- Artikel 6.04 Rijnvaartpolitiereglement 1995
- Artikel 6.09 Rijnvaartpolitiereglement 1995
- Artikel 1* Akte van Mannheim
- Artikel 32 Akte van Mannheim