Rb. Gelderland 1 oktober 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:6628
Belastingverdrag met Malta. Tie-breaker. Plaats van werkelijke leiding. Heffingsrecht dividend. Belanghebbende is van mening dat de plaats van haar werkelijke leiding op Malta is gelegen. Bij gevolg komt Nederland geen heffingsrecht toe over de in 2015, 2016 en 2017 uitgekeerde dividenden. Naar het oordeel van de rechtbank is de inspecteur erin gelaagd aannemelijk te maken dat de plaats van werkelijke leiding niet op Malta, maar in Nederland is gelegen. De kernbeslissingen met betrekking tot de activiteiten van belanghebbende worden niet genomen door de Maltese trustdirecte, maar (materieel) door de Nederlandse adviseur van belanghebbende. De tie-breaker uit het belastingverdrag met Malta wijst in dat geval Nederland aan als vestigingsland. Bij gevolg zijn de door belanghebbende uitgekeerde dividenden onderworpen aan Nederlandse dividendbelastingheffing. Beroep ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 31 mei 2024, ECLI:NL:HR:2024:567
- Hof Arnhem-Leeuwarden 27 februari 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:1501
- HR 2 juli 2021, ECLI:NL:HR:2021:1044
- Hof Den Haag 19 februari 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:281
- HR 31 januari 2020, ECLI:NL:HR:2020:154
- HR 4 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:672
- HR 19 januari 2018, ECLI:NL:HR:2018:47
- HR 19 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:252
- HR 20 maart 2015, ECLI:NL:HR:2015:660
- HR 4 februari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP2975
- HR 13 april 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA2802
- HR 28 februari 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB0296
- HR 10 februari 1993, ECLI:NL:HR:1993:ZC5251
- HR 2 september 1992, ECLI:NL:HR:1992:ZC5045
- HR 9 december 1987, ECLI:NL:HR:1987:AW7554