Rb. Gelderland 25 juni 2020, ECLI:NL:RBGEL:2020:3081

Weigering omgevingsvergunning zonnepark. De rechtbank is van oordeel dat uit de planregels volgt dat binnen de bestemming “Agrarisch – Tuinbouw” geen zelfstandige duurzame energievoorzieningen, zoals een zonnepark, zijn toegestaan. Het bouwplan is dus in strijd met het inpassingsplan. In artikel 30 van het reparatie-inpassingsplan is bepaald dat het college van gedeputeerde staten (GS) in dat geval bevoegd gezag is (artikel 3:26, vierde lid, Wro), zodat het college van GS terecht op de aanvraag heeft beslist in plaats van het college van burgemeester en wethouders. Ten tijde van de aanvraag had provinciale staten geen aanwijzingsbesluit als bedoeld in artikel 6.5, derde lid, Bor vastgesteld. Het college had de aanvraag daarom op grond van artikel 3.11, eerste lid, Wabo onverwijld door moeten zenden aan provinciale staten voor het verlenen van een verklaring van geen bedenkingen (vvgb). Tussen de aanvraag en het weigeringsbesluit is alsnog een aanwijzingsbesluit genomen. De rechtbank ziet geen aanleiding om dit aanwijzingsbesluit onverbindend te verklaren. Het college heeft terecht afgezien van het vragen van een vvgb aan provinciale staten. Het beroep is gegrond vanwege strijd met artikel 3.11, eerste lid, Wabo. De rechtbank laat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand omdat een vvgb door het latere aanwijzingsbesluit niet langer was vereist.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken