Rb. Gelderland 19 februari 2019, ECLI:NL:RBGEL:2019:694
(voor het eerdere verloop: zie ECLI:NL:RBGEL:2018:5770 en ECLI:NL:RBGEL:2018:5772) Bij een verzoek tot vernietiging van de erkenning door de erkenner (ex art. 1:205 lid 1 sub b BW) is ook ruimte voor een afweging van de belangen van de minderjarige. In de belangenafweging acht de rechtbank doorslaggevend het in lijn brengen van de juridische en biologische werkelijkheid. De erkenning wordt vernietigd.
De uitspraak op rechtspraak.nl