Rb. Gelderland 3 december 2019, ECLI:NL:RBGEL:2019:5596
Aanslag IB/PVV. Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. Artikel 3.41 Wet IB Eiseres drijft met haar echtgenoot een maatschap. De maatschap heeft in vier bedrijfsmiddelen € 63.322 geïnvesteerd. In geschil is of bij de bepaling van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek bij eiseres en de echtgenoot tweemaal het hele bedrag dient te worden meegenomen en of zij beiden in aanmerking komen voor de volledige aftrek. De rechtbank leidt uit het arrest van de Hoge Raad van 24 mei 2019, ECLI:NL:HR:2019:785, af dat het gehele bedrag van de investeringen bij elk van de maten in aanmerking wordt genomen en dat geen correctie voor de totale hoogte van de aftrek dient plaats te vinden.
De uitspraak op rechtspraak.nl