Rb. Gelderland 22 oktober 2015, ECLI:NL:RBGEL:2015:6472
IB. Geruisloze inbreng van aandeel in scheepvaartfonds in BV mogelijk? Willekeurige afschrijving mogelijk? Deze zaken betreffen hetzelfde scheepvaartfonds waarover zowel door het Gerechtshof Amsterdam op 12 maart 2015 (ECLI:NL:GHAMS:2015:811) als door het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 21 juli 2015 (ECLI:NL:GHARL:2015:5435) is geoordeeld dat sprake is van een objectieve voordeelsverwachting en dus een bron van inkomen en dat de participanten in het onderhavige fonds als ondernemer kunnen worden aangemerkt. De rechtbank ziet in hetgeen verweerder in de onderhavige zaken heeft aangevoerd geen aanleiding voor een andersluidend oordeel. Voor zover verweerder heeft betoogd dat in dit geval geen sprake is geweest van het betaald hebben voor de investering door het scheepvaartfonds, op de grond dat sprake is geweest van een back to back loan en het vermogen de onderneming (een groepsmaatschappij) niet werkelijk heeft verlaten, wijst de rechtbank dat betoog af, omdat in dit geval bij het civielrechtelijke begrip 'betalen' moet worden aangesloten en geen aanleiding bestaat daaraan een extra eis te stellen. Beroepen gegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Hof Arnhem-Leeuwarden 21 juli 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:5435
- Hof Amsterdam 12 maart 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:811
- HR 14 november 2014, ECLI:NL:HR:2014:3209
- HR 28 oktober 2011, ECLI:NL:HR:2011:BU1991
- HR 24 juni 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP5707
- HR 14 juli 2006, ECLI:NL:HR:2006:AV0846
- HR 1 februari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD8763
- HR 3 maart 1954, ECLI:NL:HR:1954:AY2826