Rb. Den Haag 25 juni 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:17551
Met tussen partijen bereikte overeenstemming is een vaststellingsovereenkomst tot stand gekomen. Eiseres maakt niet aannemelijk dat sprake is van dwaling die zou kunnen leiden tot vernietiging van deze overeenkomst. Uitgaande van de overeenkomst heeft verweerder bij het vaststellen van het belastbaar inkomen uit werk en woning voor het jaar 2019 terecht een vrijval van de FOR in aanmerking genomen en is aftrek van bepaalde kosten bij het vaststellen van het belastbaar inkomen uit werk en woning voor de jaren 2020 en 2021 terecht niet geaccepteerd. Beroepen ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl