Rb. Den Haag 14 november 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:21454

Procesafspraken. Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel na veroordeling wegens verduistering in dienstbetrekking. De rechtbank schat het wederrechtelijk verkregen voordeel op ruim € 147.000,-. De veroordeelde is in de strafzaak veroordeeld tot betaling van door hem wederrechtelijk weggenomen geldbedragen aan de benadeelde partij tot het bedrag van ruim € 147.000,-. Aan veroordeelde is daarbij tevens de schadevergoedingsmaatregel opgelegd. De rechtbank hoeft geen rekening te houden met een betalingsverplichting aan de benadeelde partij als die betaling nog niet is voldaan. De rechtbank is daartoe echter wel bevoegd en ziet daarvoor in dit geval ook aanleiding. De rechtbank is van oordeel dat het belang van de benadeelde partij om het wederrechtelijk weggenomen geld terug te krijgen zwaarder weegt dan het belang van de Staat bij toewijzing van de ontnemingsvordering. De rechtbank stelt de betalingsverplichting daarom conform de procesafspraken vast op nihil.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken