Rb. Den Haag 19 september 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:17709

De rechtbank is van oordeel dat verweerder in het bestreden besluit had moeten ingaan op de bezwaren die eisers hebben geuit tegen overdracht aan Spanje. Eisers hebben concrete verklaringen afgelegd over hun verblijf en ervaringen in Spanje, waaronder ervaringen als Dublinterugkeerders. Hun verklaringen worden ondersteund door de door hen aangehaalde landeninformatie. Verweerder had daarom in beginsel moeten ingaan op de bezwaren tegen overdracht die eisers in hun gehoren naar voren hebben gebracht, en niet kunnen volstaan met verwijzing naar het claimakkoord en het interstatelijk vertrouwensbeginsel. In het bestreden besluit is verweerder echter niet inhoudelijk ingegaan op de verklaringen. De stelling dat niet is gebleken dat de Spaanse autoriteiten hen niet willen helpen is daarvoor in ieder geval onvoldoende. Dat er geen aanleiding was om op de verklaringen in te gaan omdat niet aannemelijk is dat overdracht naar Spanje heeft plaatsgevonden (en de verklaringen dus niet kunnen kloppen) volgt niet uit het dossier. De conclusie is dan ook dat verweerder de bestreden besluiten onvoldoende heeft gemotiveerd. Het beroep is gegrond

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken