Rb. Den Haag 25 oktober 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:20322
Gedaagde sub 1 (een vof met als vennoot gedaagden sub 2 en 3)heeft een franchiseovereenkomst, een huurovereenkomst bedrijfsruimte, twee geldleningsovereenkomsten en koopovereenkomsten gesloten met (steeds één van de) eisers, ten behoeve van de exploitatie van een winkel. Wederzijds beroep op ontbinding overeenkomsten wegens wanprestatie. De rb acht partiële ontbinding van de franchiseovereenkomst door gedaagde sub 1 gerechtvaardigd. Lotsverbondenheid met andere overeenkomsten? Tussenvonnis.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 118 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 843a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 30p Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 18 WvK
- Artikel 6:74 BW6
- Artikel 6:80 BW6
- Artikel 6:162 BW6
- Artikel 6:194 BW6
- Artikel 6:195 BW6
- Artikel 6:228 BW6
- Artikel 6:265 BW6
- Artikel 6:277 BW6
- Artikel 7:911 BW7
- Artikel 7:913 BW7
- Artikel 7:919 BW7
- Artikel 7:920 BW7
- Artikel 3:237 BW3