Rb. Den Haag 12 november 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:12401
Uitlevering ter fine van strafvervolging aan Rwanda. De rechtbank verklaart uitlevering aan Rwanda toelaatbaar. De opgeëiste persoon zal in Rwanda vervolgd kunnen worden voor (medeplichtigheid aan) genocide en misdrijven tegen de menselijkheid. De opgeëiste persoon heeft aangevoerd dat hij in Rwanda geen eerlijk proces zal krijgen. De rechtbank komt, mede op grond van monitoring reports die in eerdere uitleveringszaken zijn uitgebracht, tot het oordeel dat er geen vrees bestaat voor dreigende flagrante schending van het recht op een eerlijk proces. De rechtbank adviseert de minister van Veiligheid en Justitie ook in deze zaak het proces in Rwanda te laten waarnemen en de waarnemingsrapporten publiek toegankelijk te maken. Uiteindelijk zal de minister moeten beslissen of de opgeëiste persoon daadwerkelijk uitgeleverd zal worden.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 48 Sr
- Artikel 57 Sr
- Artikel 1 Wet overlevering inzake oorlogsmisdrijven
- Artikel 2 Wet overlevering inzake oorlogsmisdrijven
- Artikel 6 Wet overlevering inzake oorlogsmisdrijven
- Artikel 2 UW
- Artikel 5 UW
- Artikel 9 UW
- Artikel 10 UW
- Artikel 11 UW
- Artikel 14 UW
- Artikel 18 UW
- Artikel 26 UW
- Artikel 30 UW
- Artikel 28van UW
- Artikel 2 WIM
- Artikel 3 WIM
- Artikel 4 WIM
- Artikel 12 WIM
- Artikel 1 EVRM