Rb. Den Haag 12 augustus 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:9261

In deze zaak is vast komen te staan dat gedaagde bij het uitvoeren van graafwerkzaamheden onrechtmatig heeft gehandeld jegens eiseres omdat gedaagde de op haar rustende zorgplicht heeft geschonden. Daarom is gedaagde jegens eiseres schadeplichtig. Ten aanzien van de schadeomvang is geoordeeld dat geen sprake is van een verbetering, maar van een noodzakelijke reparatie, hetgeen ertoe heeft geleid dat is geoordeeld dat gedaagde het volledige schadebedrag aan eiseres dient te vergoeden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken