Rb. Den Haag 23 mei 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:5235
Uitlevering ter fine van strafvervolging aan Rwanda. De rechtbank verklaart uitlevering aan Rwanda toelaatbaar. De man zal in Rwanda vervolgd kunnen worden voor (medeplichtigheid aan) genocide en misdrijven tegen de menselijkheid. De man heeft aangevoerd dat hij in Rwanda geen eerlijk proces zal krijgen. De rechtbank komt, mede op grond van monitoring reports die in eerdere zaken zijn uitgebracht, tot het oordeel dat er geen vrees bestaat voor dreigende flagrante schending van het recht op een eerlijk proces. De rechtbank adviseert de minister van Veiligheid en Justitie ook in deze zaak het proces in Rwanda te laten waarnemen en de waarnemingsrapporten publiek toegankelijk te maken. De rechtbank adviseert de minister ook zich ervan te vergewissen dat de man voldoende medische zorg in Rwanda zal krijgen. Uiteindelijk zal de minister moeten beslissen of de man daadwerkelijk uitgeleverd zal worden.
De uitspraak op rechtspraak.nl