Rb. Den Haag 11 mei 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:4782
De reisvoorziening wordt verstrekt na het verstrijken van de periode bedoeld in artikel 5.2, eerste lid, van de Wsf 2000, vermeerderd met 1 jaar. Dat kan niet anders worden opgevat als “aansluitend aan deze periode”. Als gevolg hiervan bestaat dan ook alleen gedurende de eerste twaalf maanden van de leenfase recht op de reisvoorziening.
De uitspraak op rechtspraak.nl