Rb. Den Haag 20 april 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:4281
Uit de door eiser overgelegde, algemene informatie volgt dat het bestaan van een netwerk van belang is om zich te kunnen handhaven in Afghanistan. Uit de brief van 16 maart 2016 van Vluchtelingenwerk blijkt dat personen zonder netwerk vele serieuze problemen ondervinden bij terugkeer naar Afghanistan. Volgens het UNHCR zijn de enigen die het zonder externe steun redden alleenstaande fysiek fitte mannen en getrouwde stellen die oud genoeg zijn om hun eigen inkomen te verdienen. Als minderjarige alleenstaande valt eiser buiten de door UNHCR genoemde groep. Deze informatie is weliswaar opgenomen in het kader van hervestiging, maar omdat eiser nimmer in Afghanistan heeft gewoond, acht de rechtbank zijn situatie vergelijkbaar. Bij terugkeer naar Afghanistan zal eiser zich voor de eerste keer in zijn leven in zijn herkomstland moeten vestigen. Nu een netwerk ontbreekt, zal eiser dit zonder nadere steun voor elkaar moeten krijgen. Mede in het licht van artikel 3 van het Internationaal Verdrag inzake de rechten van het Kind heeft verweerder zich onvoldoende rekenschap gegeven van de belangen van eiser. Verweerder had deze onderbouwde stellingen van eiser dienen te onderzoeken om te beoordelen of sprake is van een reëel risico op een behandeling in strijd met artikel 3 van het EVRM. Nu verweerder dit heeft nagelaten, is sprake van een motiveringsgebrek. De in punt 8 van deze uitspraak genoemde uitspraak van de ABRvS is inmiddels gepubliceerd op rechtspraak.nl
De uitspraak op rechtspraak.nl