Rb. Den Haag 7 april 2015, ECLI:NL:RBDHA:2015:4483

Borgstelling aan BV, voorziening en regresvordering. Kwijtscheldingswinstvrijstelling niet van toepassing. BV gaat in 2010 failliet. De DGA (eiser) heeft in 2010 een voorziening van € 150.000 gevormd. In het onderhavige jaar 2011 spreekt de bank eiser aan en hij betaalt € 30.000 ter finale kwijting. De rechtbank oordeelt dat een regresvordering pas ontstaat op het moment dat de borg een bedrag betaalt aan de schuldeiser. De regresvordering kan dus, anders dan eiser stelt, niet in 2010 zijn afgewaardeerd of afgeboekt van de voorziening. De voorziening valt in 2011 voor € 120.000 vrij en op deze vrijval is de kwijtscheldingswinstvrijstelling niet van toepassing. Eisers beroep op het vertrouwensbeginsel wijst de rechtbank op feitelijke gronden af. Beroep ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken