Rb. Den Haag 12 juni 2013, ECLI:NL:RBDHA:2013:7944

Verweerder heeft de waarde een multidisciplinair ziekenhuis bij bezwaar vastgesteld op € 24.200.000. In de beroepsfase stelt eiseres onder andere dat in de door verweerder gehanteerde herbouwwaarde ten onrechte vrijgestelde werktuigen zijn betrokken. Verweerder neemt het standpunt in dat bij de waardering van het complex gebruik is gemaakt van de herbouwwaarde zoals deze voortvloeit uit de Taxatiewijzer en kengetallen deel 8 ziekenhuizen waarbij reeds rekening is gehouden met de procesgebonden installaties die onder de werktuigenvrijstelling vallen hetgeen eiseres betwist. De rechtbank overweegt hieromtrent dat in de Taxatiewijzer voor de onderhavige waardepeildatum niets is opgenomen over de werktuigenvrijstelling en dat de Taxatiewijzer 2012 geen antwoord geeft op de vraag welke werktuigen onder de vrijstelling vallen. Eiseres heeft aannemelijk gemaakt dat verweerder bij de bepaling van de kengetallen geen, althans onvoldoende, rekening heeft gehouden met de vrij te stellen werktuigen. Eiseres heeft immers zowel in bezwaar als in beroep gedetailleerde lijsten overgelegd met daarop de in het ziekenhuis aanwezige installaties en per installatie de vraag beantwoord of deze onder de vrijstellingsregeling valt. Verweerder heeft de stellingen van eiseres hierover niet anders weersproken dan met een verwijzing naar de taxatiewijzer, waarin in zijn algemeenheid met de werktuigenvrijstelling rekening gehouden zou zijn. Nu de rechtbank oordeelt dat in de omvang van de herbouwwaarde uit de Taxatiewijzer voor het onderhavige jaar geen rekening is gehouden met de procesgebonden installaties die onder de werktuigenvrijstelling vallen is het beroep gegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen