Rb. Arnhem 18 april 2012, ECLI:NL:RBARN:2012:BW5060
Eigendom van een strook grond. Geen goede trouw ten tijde van verkrijging. Geen verkrijgende verjaring.Uit de stukken leidt de rechtbank af dat gedaagde het erfpachtsrecht - met het daaraan feitelijk gekoppelde gebruik van de strook grond - op 15 januari 1982 onder bijzondere titel heeft verkregen. Daarmee is, gelet op het voorgaande, in ieder geval een bruikleenloze periode van 20 jaar gegeven tot 2002. Gesteld noch gebleken is immers dat de verplichtingen uit de in de vorige rechtsoverweging aangenomen stilzwijgende bruikleenovereenkomst op gedaagde zijn overgegaan en vaststaat dat over de periode na 15 januari 1982 tussen partijen over het gebruik van de strook grond op geen enkele wijze is gecommuniceerd tot 2010. De conclusie is dan ook dat gedaagde - in ieder geval, maar het zou ook eerder kunnen zijn geweest - op 15 januari 2002 eigenaar is geworden van de strook grond. Dat betekent dat de gemeente geen ontruiming kan vorderen.
De uitspraak op rechtspraak.nl