Rb. Arnhem 16 augustus 2007, ECLI:NL:RBARN:2007:BB4900

Vrijstelling zorgboerderijen (artikel 11, eerste lid, onderdeel g, ten derde, van de Wet op de omzetbelasting 1968) is ook van toepassing op een werkplaats voor metaalbewerking waar patienten van een AWBZ-instelling werkzaamheden verrichten in het kader van dagbesteding, arbeidstraining en/of dagopvang. Eiseres houdt zich bezig met de vervaardiging en de verkoop van eenvoudige metaalwerken in een werkplaats voor metaalbewerking. De vervaardiging geschiedt uitsluitend door patiënten van de stichting A, een AWBZ-instelling(hierna: de stichting). De patiënten worden ook bij de overige activiteiten in het kader van de vervaardiging/verkoop van metaalwerken ingezet. De door de stichting ingezette patiënten zijn onder meer daklozen, verslaafden en mensen met een psychische aandoening. Het werk in de werkplaats wordt verricht in het kader van dagbesteding, arbeidstraining en/of dagopvang. Eiseres ontvangt per dagdeel per patiënt een vergoeding, waarover zij geen omzetbelasting in rekening heeft gebracht. Deze activiteiten werden voorheen door de stichting zelf ontplooid, na verzelfstandiging zijn de activiteiten niet gewijzigd. De heer X verzorgt (thans en in het verleden) de begeleiding van de patiënten. Er zijn geen andere medewerkers in dienst. Eiseres meent met een beroep op het arrest Solleveld en Van den Hout-Van Eijnsbergen van het Hof van Justitie dat de vrijstelling voor zorgboeren van artikel 11.g.3e Wet OB 19968 van toepassing is. De rechtbank is van oordeel dat gelet op de overeenkomst van artikel 13.A1.b en g met artikel 13A.1.c van de Zesde richtlijn en de fiscale neutraliteit het buiten redelijke twijfel is dat het in voornoemd arrest bepaalde ook in dit geval van overeenkomstige toepassing is. Niet in geschil is dat de in geding zijnde diensten aan de stichting, net als de diensten van zorgboerderijen, zijn te duiden als het verlenen van dagbesteding, arbeidstraining of dagopvang. Ook overigens wordt voldaan aan de andere voorwaarde van de vrijstelling. Dat in het contract de zorgtaken niet specifiek zijn opgenomen, de invulling wordt gelaten aan eiseres, doet daaraan niet af. Eiseres heeft kennelijk gesteld dat haar beroepskwalificaties gelijk zijn aan die van zorgboeren. Noch uit de wettelijke bepaling, noch uit de wetsgeschiedenis is af te leiden dat bijzondere kennis, vaardigheden en/of een bepaalde opleiding van de betreffende zorgboer is vereist. In die zin is in dit geval derhalve sprake van gelijke beroepskwalificaties. Overigens heeft te gelden dat de uitvoerder van eiseres, niet weersproken, beschikt over van belang zijnde beroepskwalificaties. De kwaliteit van de dienstverlening van eiseres en een zorgboer is dan ook tenminste gelijk. Nu daarbij door eiseres in dezelfde behoeften van een AWBZ-instelling wordt voorzien als zorgboeren doen, is naar het oordeel van de rechtbank sprake van soortgelijke prestaties als die van zorgboeren. Nu voor zorgboeren een vrijstelling geldt, verzet het beginsel van de fiscale neutraliteit zich ertegen eiseres uit te sluiten van de vrijstelling.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen