Rb. Arnhem 5 september 2005, ECLI:NL:RBARN:2005:AU6040
ontslag ex artikel 49 lid 5 BOPZ, voorwaardelijk ontslag Datum beschikkingen: 5 september 2005 en 9 september 2005 Verzoeker heeft de geneesheer-directeur verzocht hem ontslag dan wel voorwaardelijk ontslag te verlenen. Dit verzoek is afgewezen. Verzoeker is i.v.m. gepleegde strafbare feiten veroordeeld tot gevangenisstraf en TBS. Sinds de beëindiging van de TBS-maatregel in 1997 verblijft verzoeker met opeenvolgende machtigingen o.g.v. Wet BOPZ in de TBS-kliniek. Het recidive-risico is onverminderd aanwezig en daarom blijft een rechterlijke machtiging noodzakelijk. Gebleken is dat dit gevaar kan worden afgewend door middel van het stellen van voorwaarden aan het verlof van verzoeker en door middel van het maken van afspraken. Nu verzoeker in de Pompekliniek niet op de juiste plaats is en hij niet elders kan worden geplaatst en gelet op de ruime mate van vrijheid die verzoeker thans heeft is de rechtbank van oordeel dat een ontslag onder voorwaarden mogelijk moet zijn. De rechtbank verleent aan verzoeker voorwaardelijk ontslag. De gestelde voorwaarden zijn gelijk aan de voorwaarden die voorheen werden verbonden aan het verlof van verzoeker.
De uitspraak op rechtspraak.nl