Rb. Amsterdam 13 januari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:320
Partijen hebben een agentuurovereenkomst gesloten. Beide vinden dat de ander zich niet aan de afspraken heeft gehouden. De kantonrechter oordeelt dat gedaagde niet gedwaald heeft. Wel mocht gedaagde de overeenkomst ontbinden. Eiser heeft daarvoor namelijk een dringende reden gegeven. Gedaagde hoeft geen facturen, boetes, schadevergoeding of klantvergoeding te betalen. Maar eiser hoeft de facturen die al betaald zijn ook niet terug te betalen. Wel moet eiser het geld betalen dat zij heeft achtergehouden, net zoals de proceskosten.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 93 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 108 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 6:119 BW6
- Artikel 6:228 BW6
- Artikel 6:262 BW6
- Artikel 6:265 BW6
- Artikel 6:269 BW6
- Artikel 6:271 BW6
- Artikel 6:272 BW6
- Artikel 7:401 BW7
- Artikel 7:403 BW7
- Artikel 7:439 BW7
- Artikel 7:440 BW7
- Artikel 7:442 BW7
- Artikel 7:445 BW7